Ganzen slachtoffers van ons poldermodel

Nu al worden jaarlijks binnen Zuid-Holland in de zomer meer dan 40.000 ganzen gedood. De ganzenpopulatie is er niet door afgenomen, dus ook de schade voor boeren en natuur niet. Nu heeft het Provinciaal Bestuur besloten de quota te verhogen naar meer dan 100.000. Als dat in een paar jaar ook geen effect heeft, is afgesproken dat ook het doden van hier overwinterende ganzen zal worden toegestaan. Vanwege het belang van Nederland voor veel kolonies uit Noord-Europa een doemscenario voor de gans.

De gekozen aanpak is een heiloze weg. Alle onderzoeken wijzen er op, dat met onze rijke graslanden er zich steeds nieuwe ganzen zullen blijven vestigen. Ganzen zijn niet erg aan een vaste broedstek gebonden. Wij hebben de strijd aangebonden met de grauwe ganzenpopulatie van heel Noord-Europa.  Maar voor de coalitie van VVD, CDA, SP en D'66 lijken de goede verhoudingen met jagers, boeren en grondeigenaren belangrijker dan  een aanpak die de schade ook echt terug brengt. “We moeten toch iets doen”.

Alle adviezen vanuit studies naar het gedrag van ganzen, naar oorzaken van de populatiegroei en naar instrumenten om schade te beperken, zijn in het nieuwe ganzenbeleidskader genegeerd. Zo is het in de winter toegestaan ganzen (schietend) te verjagen van percelen met kwetsbare gebieden. Ganzen blijven daar dan wel weg als ze elders met rust gelaten worden. Maar in de aangewezen rustgebieden kan er soms ook op ganzen worden gejaagd en anders wel op andere dieren.

Een paar successen zijn geboekt in het debat. De vergunning om gevangen ganzen over 24 km te vervoeren voor ze worden gedood, wordt nog eens kritisch bekeken. Er zal meer aandacht zijn voor de inrichting van de broedgebieden en de directe omgeving. Als hier het natuurlijk evenwicht wordt hersteld zullen zich in Zuid-Holland weer minder ganzen vestigen. In de uitwerking van het beleid in het faunabeheerplan zal nog eens gezocht worden naar een aanpak meer gericht op minder schade en niet alleen op minder ganzen.